Informatie & Advies:
basisvragen en antwoorden

- van driewieler tot rollator, over regelgeving, hulpmiddelen, verkeerssituaties etc
- over rijbewijzen, nieuwe vormen van vervoer (zoals hoverboard) en leuke weetjes
- geen antwoord gevonden of meer weten? Geef tips of stel uw vraag op de Forums
Submenu Informatie & Advies
<< Terug

Welke vaarbewijzen zijn er en voor wie?

Er zijn 4 vaarbewijzen met een aantal deel vaarbewijzen, te weten:

1) Klein Vaarbewijs
Dit vaarbewijs heeft u nodig als uw pleziervaartuig langer is dan 15m, of als u met ingeschakelde motor sneller kunt varen dan 20km/u.

Er zijn twee delen:
- Vaarbewijs I is voor rivieren, kanalen en meren, met uitzondering van de Westerschelde, de Oosterschelde, de Waddenzee, de Eems, de Dollard, het IJsselmeer, het IJmeer en het Markermeer.
- Vaarbewijs II is voor àlle binnenwateren en de Waddenzee.

Daarnaast heeft u een Klein Vaarbewijs nodig als u bedrijfsmatig vaart met een vaartuig onder de 20m waarbij u maximaal 12 betalende passagiers mee mag nemen.
Voor beide delen hoeft u alleen een theorie-examen af te leggen.

2) Groot Pleziervaart Bewijs
Dit heeft u nodig voor pleziervaartuigen tussen 25m en 40m lang. Om dit vaarbewijs te mogen halen, moet u reeds beschikken over een Klein Vaarbewijs II en een basiscertificaat Marifonie.
U moet zowel een theorie- als een praktijkexamen afleggen. Het praktijkgedeelte mag u doen op uw eigen schip.

3) Beperkt Groot Vaarbewijs
Dit vaarbewijs is hoofdzakelijk bedoeld voor beroepsvaartuigen tussen de 20 en 40m lang. Daarnaast is het ook nodig voor sleep- en duwboten tussen de 25 en 40m lang als deze alleen voor pleziervaart gebruikt worden.
Naast theorie-en praktijkexamens moet u tenminste 3 jaar vaartijd (onder toezicht) op een betreffend vaartuig kunnen aantonen.

4) Groot Vaarbewijs
Dit vaarbewijs is nodig voor pleziervaartuigen vanaf 40m lang en voor alle grote beroepsvaartuigen en passagiersschepen met meer dan 12 betalende passagiers. Naast theorie-en praktijkexamens moet u tenminste 4 jaar vaartijd (onder toezicht) op een betreffend vaartuig kunnen aantonen.

- Deel A is voor alle binnenwateren;
- Deel B is alleen voor rivieren, meren en kanalen.